Deze voormiddag kon de Vrijdagmarkt voor het eerst sinds de start van de coronacrisis weer doorgaan. Het was er minder druk dan normaal. Wie er toch was, reageert opgelucht. Al blijft het financieel moeilijk voor de marktkramers.

De Vrijdagmarkt is te groot volgens de richtlijnen van de Nationale Veiligheidsraad en moet inboeten. Waar normaal bijna 70 kramen staan, mogen er nu maximaal 50. Daarom werd er beslist om de markt deels op het Walter De Buckplein te laten doorgaan, zodat niemand uit de boot valt. Daar bleek wel een pak minder volk te lopen.

Marktkramer Jaimy Catteeuw getuigt over de moeilijke periode: "Vanaf we in lockdown gegaan zijn, is het prachtig weer geworden. Gisteren Hemelvaart, dat zijn topdagen. Dat is een verloren jaar voor ons. We staan ook met het gerief, wat moeten we aankopen, wat moeten we doen. Het is een heel zware klap. Maar het is voor iedereen een klap. Ik hoop dat het allemaal in orde komt."

© Janna Heyerick