Op de hoek van de Krijgslaan en het De Smet De Naeyerplein richten de Sicherheitsdienst en Sicherheitspolizei in 1941 hun hoofdkwartier in. Hun taak: alle tegenstanders van het Duitse regime opsporen en vernietigen. De jacht op de partizanen, maar ook de communisten en de joden is geopend. Bij de razzia’s die ze uitvoert gebruikt de Sipo-SD enorm veel geweld.  Auteur Marc Verschooris: "Daar waren de mensen voor bevreesd. Dat was ongezien. Als die uitrukten was dat massaal. Ze gingen met verschillende auto’s, met lederen jassen, ze hadden helmen met doodskoppen."

In de villa verzamelt de geheime dienst zoveel mogelijk informatie over hun tegenstanders, zodat de Gestapo hen kan oppakken. Bij de Sipo-SD werken 30 Duitsers, maar ook een 40-tal Vlamingen, van allerlei rang en stand. Verschooris: "Eén van die betrokken Vlamingen had een diploma hoger onderwijs. Hij was onderwijzer geweest net voor de oorlog. En die zal zijn diensten aanbieden aan de sipo-sd. Hoe deed men dat? Men werd tolk, men ging mee met een Duits ambtenaar op  pad om te tolken. Maar die schoolmeester in dat geval, zal zelf aanvragen om een aanhoudingscommando te mogen oprichten." En zo verliezen de Buffalo’s in 1941 hun trainer Hugo Fenichel. Een Hongaarse jood en vermeend communist. Hij werd gedeporteerd en kwam om in een Duits concentratiekamp.  Wie wel levend uit een kamp kwam is dokter Rafael Schotte, één van de belangrijkste figuren van het verzet in Gent. Hij speelt informatie door aan de Geallieerden en verzorgt stiekem gewonde verzetsstrijders. Verschooris: "Maar hij zal dus zelf het slachtoffer worden van één van de jongens die hij opereert. Die zal onder folteringen bekend maken wie hem heeft verzorgd. En zo zal hij zelf in Buchenwald terechtkomen."

Het boek over de Sipo-sd in Gent wordt zondag voorgesteld in het museum dokter Guislain, waar ook het persoonlijk archief van dokter Schotte wordt tentoongesteld.

Huldiging Dokter Schotte

© Lore Sinnaeve